Grootmoeders tijd

Media_httpluchtspiege_dskds

Ik had een oma die allesbehalve doorsnee was. Ze kwam oorspronkelijk uit Amsterdam waar mijn broer en ik uiteindelijk terecht zijn gekomen. Maar tijdens onze jeugd woonden we in Rijssen (overijssel) en zo ook onze oma Jopie.

Ze had een mooie getoupeerde toef op haar hoofd, droeg witte kniehoge rijglaarzen waar ik als kind geen genoeg van kon krijgen. Ze reed een rode daf met witte strepen over het dak en een bondje rond het stuur die ze bestuurde met leren handschoenen aan. Haar lade lag altijd vol met mentos en chocoladerepen en ze maakte klopklop (slagroom) waar de lepel rechtop in bleef staan van de suiker. Op maandag na schooltijd ging ik altijd mijn moeder en oma boodschappen doen. Nadien liep ik met haar op straat te zingen: "Leo, je bent vannacht weer dronken geweest..." 3 Stappen vooruit en 2 stappen achteruit zodat regelmatig iemand met fiets en al bovenop ons knalde. We hadden dan de grootste lol.

Ze had de meest geweldige spreekwoorden die vandaag de dag nog steeds af en toe in mijn gedachten opdoemen en dan een glimlach op mijn gezicht toveren. Ze was een bijzondere en eigenaardige vrouw waar ik graag aan terugdenk. Ik zal een paar van haar spreekwoorden met jullie delen:

  • kan niet ligt op het kerkhof en wil niet ligt ernaast
  • alles kan behalve een slappe drol op een plank spijkeren
  • bij teveel twijfelen zei ze altijd: poepen, piesen of van de pot af
  • het leven is net zoals pijpkaneel, iedereen zuigt en krijgt een deel
  • fouten zie je dik als de liefde dun is
  • hou van mensen zoals ze zijn, er zijn geen andere
Posted